Spat – artrose van het spronggewricht

Wat is spat?


Spat is in feite osteoartrose in het spronggewricht (de tarsus) van het paard. Het spronggewricht lijkt op de enkel van de mens en is vergelijkbaar opgebouwd maar in iets andere verhoudingen. In het spronggewricht zitten een aantal grote (scheenbeen en pijp) en kleinere botten. De beweging die je ziet wanneer het achterbeen wordt gebogen komt grotendeels uit het enkel (talocruraal) gewricht. Er zitten echter nog drie kleinere gewrichtjes onder dit gewricht die vanaf de buitenkant niet zichtbaar bewegen. Dit zijn zogenaamde ‘low motion joints’ en absorberen de schokken die ontstaan wanneer het paard loopt.

Ze bevinden zich recht boven elkaar met een laagje kraakbeen in de ruimtes ertussen. Door erfelijke aanleg, ouderdom of door abnormale belasting van het kraakbeen dat tussen deze gewrichten zit, kan het kraakbeen gaan slijten. Het wordt daarbij in elkaar gedrukt en kan uiteindelijk zo dun worden dat er bot-op-bot-contact ontstaat, wat ontzettend pijnlijk is. Op de plekken waar het bot elkaar raakt, breekt het bot af en op de randen van het gewrichtsoppervlak ontstaat nieuw bot in de vorm van haken. Deze veranderingen aan het bot zijn ook terug te zien op röntgenfoto’s.

Symptomen

Paarden met spat (in welk stadium dan ook) proberen de belasting van het spronggewricht zoveel mogelijk te vermijden. Dit betekent dat ze het gewricht zo recht mogelijk houden en daardoor is minder buiging in het achterbeen te zien. Sommige paarden tillen het achterbeen zelfs bijna helemaal niet meer op en slepen met de teen over de grond. Als één been pijnlijker is dan het ander kan het dier kreupel zijn. Dit is op te wekken door de sprong een poosje gebogen te houden en het paard daarna weg te laten draven en de mate van kreupelheid te scoren. Soms vallen alleen gedragsveranderingen op bijvoorbeeld wanneer het paard niet meer wil galopperen of hindernissen weigert. Naast de benige structuren levert een dergelijke vergroeiing ook irritatie op van de aangehechte pezen waardoor het paard bewegingsbeperkingen kan ervaren.

Diagnose

Om vast te stellen of het paard artrose heeft, is onderzoek bij een dierenarts aangewezen. Wanneer een paard kreupel loopt, zal een kreupelheidsonderzoek worden uitgevoerd om de kreupelheid te lokaliseren. Dit kan door het uitvoeren van een buigproef, selectieve verdoving of echografisch of röntgenologisch onderzoek. Om de uiteindelijke diagnose te kunnen stellen zullen er röntgenfoto’s gemaakt worden. Op deze foto’s is kraakbeen niet zichtbaar, echter is er wel te zien of er veranderingen in de botstructuur zijn. Bij botveranderingen rond het gewricht is er vrijwel altijd sprake van artrose. Aanvullend onderzoek is mogelijk door middel van CT, MRI of echografisch onderzoek.

Behandeling

Net zoals bij artrose op andere plekken kan artrose van het spronggewricht niet genezen worden, maar kan de pijn en de ontsteking met ontstekingsremmende medicijnen onder controle worden gehouden. De middelen van eerste keus zijn de zogenaamde NSAID’s (Non Steroidal Anti Inflammatory Drugs) en kunnen oraal (via de mond) worden ingezet. Deze medicatie is pijnstillend en remt de ontstekingsreactie in het gewricht. Daarnaast zijn corticosteroïden aangewezen.Deze ontstekingsremmers kunnen intra articulair (in het gewricht) gespoten worden en lokaal werking uitoefenen. De ontstekingsreactie in het gewricht wordt hiermee ter plekke afgeremd. Helaas heeft dit tijdelijk effect en blijkt langdurig gebruik van deze medicatie zelfs schadelijk voor het betreffende kraakbeen.

Tiludroninezuur is een middel dat de botopbouw en botafbraak reguleert. Het kan eenmalig in het bloed worden toegediend en remt hiermee het slijtageproces binnenin het gewricht. Herhaling kan op verschillende momenten in het proces plaatsvinden, afhankelijk van de ernst en klinische klachten. Hyaluronzuur wordt ook rechtstreeks in het gewricht gespoten en heeft een ontstekingsremmende werking. Voor een juist resultaat moet het langdurig gegeven worden. Als al het kraakbeen weg is tussen de gewrichtjes kunnen de botjes met elkaar vergroeien. Als dit gebeurt schuurt er geen bot meer over elkaar en verdwijnt de pijn. Dit proces kan eventueel met een operatie worden versneld. Fokken met dieren die spat hebben is niet aan te raden, omdat de aandoening erfelijk is. Tegenwoordig zijn er alternatieven op het gebied van supplementen die vloeibare Groenlipmossel, Curcumine en Zwarte bes blad bevatten en via drie routes de zogenaamde prostaglandine ontstekingsroute remmen. Er zijn goede klinische resultaten met een dergelijk preparaat bij honden en paarden. Deze preparaten vullen de verminderde synoviaal vloeistof aan en remmen de ontsteking.

Beoordeling van dit artikel:
[Totaal: 2    Gemiddelde: 5/5]